Veel Nederlanders vinden van zichzelf dat ze een aardig mondje Engels spreken.
Maar volgens de organisatoren van het symposium 'Uitgesproken Engels' aan de
Vrije Universiteit in Amsterdam valt dat in de praktijk dikwijls tegen. Docenten Engels, zakenlieden en taalwetenschappers buigen zich twee dagen over onze uitspraak van de wereldtaal.
Het uitspreken van Engelse woorden op z’n Nederlands kan snel leiden tot misverstanden. Laura Rupp, docente Engels aan de VU en organisator van het symposium, kan legio voorbeelden geven: ‘Een veel gehoorde fout is het woord bad – slecht – dat veel Nederlanders uitgespreken als bat – vleermuis. Of: Chelsea has won
the Premier League wordt Chelsea has won the Premier Leek, waarmee je zegt dat Chelsea prei heeft gewonnen in plaats van de competitie.’
Lubbers
Maar is een zwaar Nederlands accent in het Engels écht een probleem? De premiers
Wim Kok en Ruud Lubbers bijvoorbeeld spraken beiden Engels met een behoorlijk Nederlandse tongval, maar functioneerden prima in het buitenland. Toch moeten
politici zeker oppassen, vindt Rupp. Ze geeft het voorbeeld van de politicus die
onlangs het woord snag - een hobbel - gebruikte in verband met de kabinetsformatie. Maar hij sprak het uit als snack.
De docente waarschuwt voor zelfoverschatting: ‘Onderzoek van de Europese
Commissie toont aan dat 80 tot 90 procent van bedrijfsmedewerkers dacht dat ze een voldoende Engelse uitspraak hadden. Maar naderhand bleek dat 25 procent van deze bedrijven zaken was misgelopen door hun gebrekkige taalvaardigheid.’
En dan is er nog het sociale effect. Mensen die slecht Engels spreken laden de
verdenking op zich van onzorgvuldigheid en onbekwaamheid, aldus Rupp.
Wetenschap
Dat merkte Marinel Gerritsen, docente interculturele communicatie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. De wetenschapper kreeg onlangs een review van een artikel
terug: ‘Dat stond vol met kritiek op mijn Engelse zinnen. Ik heb een beetje pinnig teruggeschreven dat Engels nu eenmaal niet mijn moedertaal is. Dat realiseren ze zich niet altijd. Ik spreek en schrijf nu eenmaal in een andere taal, dus maak ik fouten.’
Dat zegt Gerritsen overigens in alle bescheidenheid, want de docente haalde onlangs
wel het Cambridge Proficiency Exam. Dat wil zeggen dat zij bijna een
‘moedertaalspreker’ van het Engels is. ‘Goed voor je zelfvertrouwen!’ lacht Gerritsen.
Belabberd
Een geluk voor haar studenten, want colleges aan Nederlandse universiteiten worden steeds vaker in het Engels gegeven. Niet altijd tot genoegen, want studenten klagen steen en been over het vaak belabberde taalniveau van hun docenten. Annemieke
Meijer werkt het IVLOS, het opleidingsinstituut van de Universiteit Utrecht. Ze geeft een cursus aan docenten die hun vak in het Engels moeten gaan onderwijzen.
‘Dat kan een groot probleem zijn,’ zegt Meijer, ‘docenten kunnen vaak heel competent Engelse artikelen schrijven en presentaties op conferenties geven, maar doceren in het Engels, vooral in interactieve situaties, is heel wat anders. Echt met enthousiasme en nuances over je vakgebied praten gaat dan helaas verloren.’ Ze schreef een paper met de veelzeggende titel If you’re so smart, why do you sound so Dutch?
Toch maar colleges in het Nederlands geven dan? Volgens Annemieke Meijer kan dat
niet meer: ‘Dat is echt een gepasseerd station. Universiteiten in Nederland willen buitenlandse studenten aantrekken en ze hebben ervoor gekozen om die niet allemaal Nederlands te laten leren. Dus moet het in het Engels.’