Welke vormen van subsidies en financiële tegemoekomingen zijn er voor werkgevers
Fiscale aftrek voor de werkgever: WVA Onderwijs Een werkgever komt in aanmerking voor afdrachtvermindering van de loonheffing als de werknemer een specifiek onderwijstraject volgt. We beschrijven de meest relevante voor de scholing van werknemers. Meer informatie vindt u ook op de site van de belastingdienst. In 2010 valt het opscholen van medewerkers tijdelijk onder de WVA Onderwijs. Werkgevers kunnen daardoor in 2010 de kosten aftrekken van opleidingen die leiden tot een verhoging van het opleidingsniveau van een werknemer: bijvoorbeeld van mbo naar hbo of van hbo naar universiteit. Ook een hoger niveau binnen het mbo of hbo is mogelijk, bijvoorbeeld van mbo-2 naar een mbo-3 of het volgen van een master na een bacheloropleiding. Deze afdrachtvermindering kan worden toegepast wanneer een werknemer in het jaar 2010 start met een opleiding die relevant is voor zijn huidige functie of een toekomstige functie bij dezelfde werkgever. De werkgever kan maximaal aanspraak maken op een afdrachtvermindering van € 500 (wanneer 50% van de totale kosten worden vergoed). In 2011 vervalt deze uitbreiding weer. Daarnaast zijn voor de scholing van huidige werknemers de mogelijkheden tot belastingaftrek bij de volgende onderwijstrajecten het meest relevant: - BBL-trajecten in het mbo - Leerwerktrajecten in het hbo - EVC-procedures Het bedrag wat mag worden afgetrokken verschilt al naar gelang het betreffende onderwijstraject. Fiscale aftrek voor de werknemer Werknemers kunnen scholingsuitgaven aftrekken van de inkomstenbelasting. Deze aftrek is mogelijk wanneer een werknemer geen recht heeft op andere tegemoetkomingen in de kosten voor scholing, bijvoorbeeld van zijn werkgever. Het gaat om scholingsuitgaven die relevant zijn voor het (toekomstig) beroep. De scholingsuitgaven moeten een drempelbedrag van 500 euro per jaar overschrijden en zijn (meestal) gemaximeerd op 15.000 euro. Tot de scholingsuitgaven behoren lesgeld, kosten voor studieboeken en vakliteratuur, afschrijving van duurzame zaken zoals computers en randapparatuur (in drie jaar) en uitgaven voor EVC-procedures. Meer informatie: op de site van de belastingdienst. O&O-fondsen Veel branches hebben een O&O-fonds dat bijdraagt in (bepaalde) scholingskosten of specifieke opleidingen aanbiedt. Fondsen zijn oorspronkelijk opgericht voor functiegerichte opleidingen, maar soms is er ook aandacht voor bredere ontwikkeling en employability van werknemers. Soms worden ook andere faciliteiten bekostigd dan scholing, zoals EVC of loopbaanadvies. Sommige fondsen kennen ook scholingadviseurs die bedrijven adviseren bij het opstellen van scholingsplannen. Bedrijven die willen weten of ze eventueel terecht kunnen bij een O&O-fonds kunnen contact opnemen met de branche-organisatie. ESF Het Europees Sociaal Fonds is één van de vier structuurfondsen van de Europese Unie. Het wordt onder meer ingezet om werknemers scholing te laten volgen. In de periode 2007-2013 kunnen (samenwerkende) bedrijven een beroep doen op ESF-gelden: Voor scholing van laaggeschoolde werkenden (zonder startkwalificatie). O&O-fondsen kunnen hiervoor scholingsprojecten indienen (actie D ESF-programma). Vraag bij de brancheorganisatie of het O&O-fonds naar de mogelijkheden in uw sector. Ter bevordering van sociale innovatie (actie E van ESF). Hieronder valt onder andere multi-inzetbaar personeel, taakroulatie, taakverrijking of uitwisseling van kennis en ervaring. Individuele bedrijven kunnen voor dit onderdeel zelf een aanvraag indienen. Subsidiabel zijn de loonkosten van een projectleider en projectmedewerkers en/of kosten voor het inhuren van deskundigen. Scholingskosten zijn dus niet subsidiabel. Meer informatie is te vinden op www.agentschap.szw.nl. Daar vindt u ook een overzicht van beschikte projecten en de betreffende O&O-fondsen onder actie D. UWV: scholingsbonus en EVC-subsidie Het UWV vergoedt gedeeltelijk de omscholingskosten van nieuwe werknemers die in hun vorige baan met ontslag werden bedreigd. Hieronder vallen ook werknemers met een oproep-, uitzend- of tijdelijk contract. Aanvankelijk was de doelgroep van de scholingsbonus beperkt tot werknemers die direct vanuit een vorige baan zijn overgestapt. De doelgroep is op dit punt inmiddels twee keer verruimd. Sinds 1 januari 2010 vallen ook werknemers die na ontslag maximaal 4 weken WW hebben genoten onder de doelgroep van de scholingsbonus. Sinds 13 april 2010 mag er tussen de huidige en vorige baan maximaal 3 maanden werkloosheid zitten. De scholingsbonus wordt verstrekt aan bedrijven die nieuwe werknemers in dienst nemen. Daarmee kunnen zij gemakkelijker iemand in dienst nemen die nog niet over alle relevante kennis- en vaardigheden beschikt. De scholingsbonus helpt tegelijkertijd het oude bedrijf bij het inrichten van scholing in het kader van een Van-werk-naar-werktraject. De hoogte van de vergoeding (maximaal 50%) hangt af van de bijdrage van het O&O-fonds, en is maximaal € 2.500,- per werknemer. Voorwaarden zijn verder dat de scholing wordt gegeven door een officiële en erkende opleider en dat de scholing leidt tot een diploma/certificaat. De regeling staat tot 1 januari 2011 open. In bepaalde gevallen vergoedt het UWV ook een deel van de kosten van een EVC of EVP. Voorwaarde is dat het gaat om werknemers die met ontslag worden bedreigd. Daaronder vallen ook mensen op een tijdelijk contract dat binnen 4 maanden wordt beëindigd en werknemers op een uitzendovereenkomst of nul-urenovereenkomst. De vergoeding kan inmiddels ook aangevraagd worden voor werknemers met startkwalificatie (tot 1 april 2010 was de doelgroep beperkt tot met werkloosheid bedreigde werknemers zonder startkwalificatie). Voor kleine werkgevers (minder dan 25 werknemers) bedraagt de vergoeding 100% (tot maximaal € 600 voor een EVP en € 1.300 voor een EVC). Voor werkgevers met 25 werknemers of meer bedraagt de vergoeding 50% van de kosten, tot maximaal € 300 voor een EVP en € 650,- voor een EVC. Voor de andere helft is mogelijk een vergoeding aan te vragen bij het O&O-fonds in de sector. In sommige gevallen kunt u met UWV afspreken dat u een hogere vergoeding krijgt. De vergoeding geldt alleen wanneer de procedure wordt verzorgd door een erkende aanbieder (zie www.kenniscentrumevc.nl). UWV verzorgt de inkoop van het Ervaringsprofiel en het –certificaat. Ook de EVC-subsidie staat tot eind 2010 open. Bron: RWI (www.rwi.nl)